Herinneringen aan de Scheldeflat: Corné Verheezen

Corné Verheezen werkte voor de NMB (later ING) en trok regelmatig naar de Scheldeflat om pensioenen uit te keren. “Met een ouderwetse, grote aktetas vol briefjes van 5, 10 en 25 gulden!”

Corné werkte op de afdeling ‘Binnenlands Betalingsverkeer’. “Het was mijn allereerste baan. Onze afdeling hield zich bezig met het boeken van acceptgiro’s. Die kwamen over de post binnen en moesten allemaal handmatig verwerkt worden. Het digitale tijdperk bestond nog niet.”

“Alleen een bankpasje tonen was genoeg”

Dat gold ook voor de uitkering van pensioenen. Met een goed gevulde aktetas kwam Corné samen met zijn NMB-collega regelmatig op woensdagmiddag in de Scheldeflat. “De bewoners konden bij ons het geld opnemen. Dan vroegen ze om 1000 gulden en kregen dat in briefjes van 5, 10 of 25 gulden. Alleen een bankpasje tonen was genoeg.”

De NMB hield kantoor op begane grond, maar bezocht ook bewoners aan huis. “In sommige woningen zag het blauw van de rook. Dat was in die tijd heel normaal. Ook kwamen de mensen letterlijk met een kussensloop of oude sok aan om het geld in te verstoppen. Soms ging dat wel eens mis. Dan waren de mensen vergeetachtig en wisten ze later niet meer waar ze het geld verstopt hadden”, lacht hij.

De receptie van de Scheldeflat

Foto: Peter Suijkerbuijk

Rode zonneschermen

Corné kwam altijd graag in de Scheldeflat. “We bezochten ook een bejaardenhuis in Roosendaal en later ook in Nieuw-Vossemeer. Maar de Scheldeflat was wel speciaal. Het zal vol met ondernemers. Het was ook best een luxe flat, de mensen hadden het goed. De taxi stond hier veel voor de deur voor uitstapjes van de bewoners. En als de zon scheen, dan was de hele Scheldeflat rood van alle zonneschermen.”

Een praatje

De bezoekjes maakten ook dat Corné een band opbouwde met sommige bewoners. “Vooral als je bij de mensen thuis kwam. Dan ging het eigenlijk niet om het geld opnemen, maar hadden ze behoefte aan een praatje. Maar we stonden ook op afstand. Als je een paar weken later weer kwam, was er soms ineens het behang van de muur. Dan wist je dat die bewoner aan zijn laatste reis was begonnen.”

Lees ook het verhaal van Piet Blaas.

Klik op de link!

De herinneringen van
Piet Blaas

Herinneringen aan de Scheldeflat: Piet Blaas

“Wij woonden in de Casper Fagellaan 61, later zijn we verhuisd naar nummer 63. De bouw van de Scheldeflat betekende dat het uitzicht aan de voorkant van onze flat werd belemmerd.”

Maar het verlies van uitzicht bracht wel een voordeel met zich mee: “Bij hevige noordwesterstorm, boven windkracht 7, hoorden we altijd een luide fluittoon. Dit kwam doordat de wind die door de stalen hekken ging de fluittoon opwekte. Nadat de Scheldeflat gebouwd is, hadden we daar veel minder last van.”

Liefde voor fotografie

Piets vader maakte veel foto’s tijdens de bouw. De liefde voor fotografie nam Piet over. “Wij kwamen regelmatig in de Scheldeflat, omdat een oom en tante van mijn vader daar woonden. Zelf ging ik wel eens naar de bovenste verdieping om van het mooie uitzicht te genieten. Ik maakte daar vaak foto’s.”

Herinneringen aan Fort-Zeekant

De foto’s zijn een mooie herinnering uit het Fort-Zeekant van de jaren ’70. “De situatie is compleet veranderd. De flats aan de Casper Fagellaan zijn er niet meer en veel andere woningen zijn ook afgebroken. Ik heb later in de Jacob Gillesstraat gewoond, maar die woning is intussen ook afgebroken.”

Vliegtocht over de wijk

Een andere foto toont de Scheldeflat vanaf de Zeekant. “Dat was een keer toen er storm was en het ook hoogwater was.” Piet deelt tot slot ook twee foto’s van een vliegtochtje boven Bergen op Zoom. “We vlogen ook over de Zeekant. Je kunt mooi de omgeving van de Scheldeflat zien. Ze waren toen al bezig met het landschap opnieuw in te richten, nadat de Schelde was afgesloten.”

Lees ook het verhaal van oud-bewoonster Meis Suijkerbuijk

Klik op de link!

De herinneringen van
Meis Suijkerbuijk

Feest! Bergse Buurtmarkt III brengt Bergse Buren samen

Het is warm. Maar dat doet aan het enthousiasme niks af. Bergse Buren maakt blij. Dat is wat iedereen uitstraalt deze middag. Een prachtbuurt. Met huur- en koopwoningen, hoogteverschillen, bankjes voor de huizen.

“Het is mooier geworden dan op de plaatjes”, vindt Bianca Seekles, directeur van bouwpartner ERA Contour. “Maar het allermooist zijn blije mensen, want daar doe je het voor.”

Om het feestje compleet te maken is er een waterig moment wanneer met waterpistolen een spandoek wordt bespoten. De bestuurders doen dit samen met kinderen uit de buurt. Ze onthullen samen een cheque van maar liefst 750 euro voor de Groenmarkt van 2024. Want groen is een belangrijk thema binnen Bergse Buren: er zijn groene gevels, natuurschuurtjes, nestkastjes en binnenterreinen met waterdoorlatende tegels. Daarom krijgen de bewoners van Bergse Buren deze zaterdag ook plantjes mee tijdens de Groene Buurtbingo.

De zaterdag kent naast het officiële moment een gezellige Bergse Buurtmarkt. Daar maken ze kennis met organisaties die de wijk Fort-Zeekant beter en mooier maken. Kinderen vermaken zich ondertussen bij kunstenaars Iwaz en Nouglise. De twee gaan met de buurt in gesprek. Want er komt ook een gevelkunstwerk waar bewoners over kunnen meepraten!

Herinneringen aan de Scheldeflat: Meis Suijkerbuijk-Tacx

En dat terwijl ze in eerste instantie helemaal niet stond te springen om naar de Scheldeflat te verhuizen. “Ik was nog geen 60. Wat moest ik tussen al die ‘oude mutsen’.”

Vanwege haar man ging ze overstag. En kwam daar in een warm bad terecht. “Het waren allemaal echte Bergse mensen. Ik ben geboren in de binnenstad, dus zelf ook een plat Bergse. Mijn man en ik hebben altijd in de Waalstraat gewoond. De buurt veranderde, er kwamen steeds meer andere mensen wonen. Maar in de Scheldeflat waren we echt als Bergenaren onder elkaar.”

“Je hoefde je niet te vervelen”

Kaarten, biljarten, sjoelen, iedere maand samen eten. Wie in de Scheldeflat woonde, hoefde zich niet te vervelen. Meis Suijkerbuijk-Tacx was zelf ook heel actief. Ze hielp mee met organiseren. Maar was er ook als er zaken niet goed liepen. Bijvoorbeeld die keer dat er een grote stroomstoring was en ook de noodaggregaat het begaf.

“De liften deden het niet meer. Die oude mensjes en personeel moesten met de trappen. Als er toen iets zou gebeuren… Ik heb toen gezegd: ‘Als dit morgen niet geregeld is, zorg ik dat dit in alle kranten van hier tot aan Groningen staat’. De volgende dag was er gelukkig weer stroom. Het personeel heb ik nog bedankt. Zij hebben zoveel voor de bewoners gedaan. Niet alleen met die stroomuitval, trouwens. Het personeel was altijd heel vriendelijk en behulpzaam.”

“Het ging gewoon vanzelf”

De namen noemt ze nog zo op: huismeesters Jan Coppens en Ad Geers. Haar zoon Peter werkte in de nachtbewaking. En natuurlijk Liesbeth, de servicemanager. De showavond, met optreden door bewoners, die ze organiseerde was legendarisch.

“Weet je wat het is? Hier in de Meilustflat zeggen ze: ‘je moet zelf de slingers ophangen.’ Maar daar, in de Scheldeflat was dat niet nodig, het ging gewoon vanzelf.”

Foto’s: Dick de Boer / West-Brabants Archief

Groot verdriet

Het hoge woord is eruit. Want tegenover die 15 vreugdevolle jaren in de Scheldeflat staat ook een groot verdriet. Een verdriet dat tijdens het gesprek in de Meilustflat nog steeds voelbaar is.

“Schrijf maar op dat er mensen zijn gestorven van verdriet. Dat weet ik zeker! Er was ons voorgehouden dat we bij elkaar zouden blijven. We zouden naar de nieuwbouw gaan aan de overkant, naast Stuijvenburgh. Maar we kwamen allemaal ergens anders terecht.”

Lichtjes van de Schelde

Meis verhuisde met 10 bewoners naar de Meilustflat. “Ik heb ze allemaal moeten wegdragen. Iedere ochtend ging ik langs bij mijn oude buurvrouw. En elke dag als ik de gordijnen opende, dan zong ze: ‘Zie ik de lichtjes van de Schelde.’ Ze is er nooit bovenop gekomen.”

Meis zucht diep. “Natuurlijk woon ik hier ook goed. Maar het is niet hetzelfde. De sfeer is de Scheldeflat was gewoon goed, heel gezond, ook voor de oudjes. Ik woonde er prachtig, op de 8e verdieping in de lange gang. Ik keek zo over de Boulevard en de Binnenschelde. Dan vragen ze hier wel eens: vind je de bomen niet mooi? Ach, schei toch uit.”

Lees ook het verhaal van huismeester Ike Foppele.

Klik op de link!

De herinneringen van
Ike Foppele

Herinneringen aan de Scheldeflat: Ike Foppele

“Ik kwam in 2001 in dienst als schilder bij de Stichting Zorg & Service, één van de voorlopers van tanteLouise. Maar al snel deed ik allerlei klusjes en was ik de vaste inval-huismeester op verschillende locaties, waaronder de Scheldeflat.”

Goed aangeschreven

Daar waren Jan en Ad de vaste aanspreekpunten voor bewoners. Bij een storing of een kapotte lamp schoten de heren te hulp. “Jan stond heel goed aangeschreven, hij kon met iedereen goed opschieten. Ook Ad was erg behulpzaam. Het gebeurde wel eens dat een van de bewoners wat vereenzaamde. Dan hielden ze die extra in de gaten.”

Vastenavend

Hoewel Ike slechts af en toe aanwezig was op de Scheldeflat, heeft hij er nog veel goede herinneringen aan. “Vooral de feesten waren altijd goed. Met vastenavend kwam de prins op dinsdag langs. Voor ons begon het dan al op maandag, met alles klaarzetten. Dan kwamen er altijd bewoners met een rollator kijken. En als het feest dan begon, kwamen ze met pijn en moeite binnen, achter hun rollatorke. Aan het eind van de avond dansten ze gewoon mee in de polonaise. En de andere dag stond daar vaak nog een hele rij rollators, die ze gewoon laten staan hadden.”

Schaal met kippenbouten

Voor de bewoners werd goed gezorgd. En de bewoners zorgden ook goed voor zichzelf. “Er ging dan altijd een schaal kippenbouten rond. Sommigen aten de kip niet helemaal op, maar stopten hem in de tas. Dan hadden ze de volgende dag nog een lekker stukje kip. Er werd toch genoeg uitgedeeld.”

Veel pijn

Vlak voordat de Scheldeflat als serviceflat werd gesloten, kreeg Ike zijn vaste plek op de Meilustflat. Daar maakte hij de appartementen klaar voor 10 bewoners uit de Scheldeflat. “Dat de mensen moesten verhuizen, vonden ze verschrikkelijk. Helemaal toen de flat daarna nog jaren bleef staan. Het heeft ze veel pijn gedaan. Want de sfeer in de Scheldeflat was altijd goed en de mensen waren niet moeilijk.”

De Scheldeflat vanuit de lucht in 1986.

Foto: Piet Blaas

Ontmoeting: het Doorgeefpunt

Wat is het Doorgeefpunt?

“Het is een vrijwilligersinitiatief. Het is een plek waar je van alles kan vinden voor de eerste levensbehoeften. Denk aan servies, bestek, beddengoed, keukentextiel en glaswerk. Alle huishoudelijke spulletjes zijn gratis te krijgen. Kleding, tassen en schoenen zijn voor 50 cent per stuk.”

Hoe lang bestaat het Doorgeefpunt?

“We bestaan nu bijna 10 jaar. We zijn ooit begonnen op het Zilverschoonplein, in de wijk Gageldonk-West. Daarna verhuisden we naar de Parallelweg en nu zitten we al weer een tijdje in de Bernadettestraat (het wijkgebouw in Fort Zeekant).”

Mag iedereen hier komen?

“Natuurlijk is iedereen welkom, maar het Doorgeefpunt is opgezet voor mensen met een kleine beurs en/of mensen die om wat voor reden dan ook opnieuw moeten beginnen. Wij controleren niet de sociale status of inkomsten. We gaan uit van de eerlijkheid en nood van onze bezoekers.”

Wil je het volledige interview lezen? Klik op de button voor het betreffende Boei Bulletin!

Boei Bulletin – mei 2023

Zo staat de Stalenbrugstraat ervoor

Eind 2020 kondigde Stadlander aan dat de 41 woningen aan de Stalenbrugstraat, Prins
Hendrikstraat, Koningin Wilhelminastraat en Koningin Sophiastraat gesloopt worden. “Dat was een bittere pil voor veel bewoners. Veel van hen woonden hier al jaren en wilden heel graag in de wijk blijven,” weet Edwin.

Gelukkig deed zich ook een kans voor in de wijk: de nieuwbouw van Bergse Buren kwam eraan. “Ongeveer de helft van de bewoners wilde dolgraag in de wijk blijven. We hebben iedereen die dat wilde, een passende woning kunnen aanbieden in Bergse Buren!”

Sloop

Het sociaal plan, waarmee Stadlander huurders begeleidde naar een andere woning, liep af op 28 februari 2023. De woningen worden nu verhuurd via tijdelijke contracten. Dat zal niet jarenlang duren, verzekert vastgoedontwikkelaar Kimberley: “Uiterlijk eind 2024 starten we met de sloop.”

Nieuwbouw

Stadlander is druk bezig met de planontwikkeling. Kimberley: “We willen graag duurzame en comfortabele sociale huurwoningen terugbouwen. We hopen hier snel duidelijkheid over te kunnen geven.”

Wil je het volledige interview lezen? Klik op de button voor het betreffende Boei Bulletin!

Boei Bulletin – mei 2023

Materialen Scheldeflat krijgen 2e leven

Hij is commercieel manager van A. van Liempd Sloopbedrijven, en hij raakt zelfs enthousiast van onze Scheldeflat. Waarom? “Omdat we zoveel materiaal kunnen hergebruiken.”

Wastafel voldoet nog prima

Een wandeling door het gebouw maakt al snel duidelijk waar hij het over heeft. “Kijk:” wijst hij in een van de appartementen, “deze wastafel is nog prima te gebruiken. Waarom zou je als woningcorporatie een kapotte wastafel vervangen door een gloednieuwe? Deze voldoet ook prima. Als het maar netjes is!”

Maar Van Liempd doet veel meer dan dat. “Keukens gaan terug naar Bruynzeel Keukens. Het spaanplaat wordt verwerkt in nieuwe keukens.” Bruynzeel Keukens werkt daar graag aan mee.

De hardhouten kozijnen in het gebouw? “Dit is nog echt hardhout, geen “waaibomen-hout”. In de jaren ’70 en ’80 was er ruim aanbod van dit kwaliteitshout.” Tevreden kijkt hij naar een kozijn. “6 bij 6, daar zijn prima balkjes van te maken.”

Schroevendraaier in plaats van koevoet

Slopen. Het klinkt nog altijd zo rauw. Maar het is steeds vaker een verfijnd proces, waarbij materiaal haast delicaat wordt behandeld. “Onze mensen werken met een schroevendraaier en zaag, en steeds minder met een koevoet.”

Wil je het volledige interview lezen? Klik op de button voor het betreffende Boei Bulletin!

Boei Bulletin – mei 2023